Waarom goede voornemens mislukken (en wat stressfysiologie ermee te maken heeft)
Goede voornemens sneuvelen vaak al in januari, niet door gebrek aan wilskracht, maar door stressfysiologie. Als je lijf in stressmodus staat, kiest je brein voor oude, vertrouwde gewoontes in plaats van verandering. Grote of rigoureuze doelen versterken die stress en zetten je in overlevingsstand.
STRESS & FYSIOLOGIE
Esther van Wageningen
1/3/20263 min read


De eerste weken van januari hebben altijd iets dubbelzinnigs. Aan de ene kant klagen veel mensen over de korte, koude en donkere dagen en aan de andere kant hebben veel mensen het gevoel van een fris begin. De eerste weken van januari grijpen we vaak aan als een soort collectief begin van nieuwe kansen, want we hebben elkaar rondom de jaarwisseling vaak onze nieuwe goede voornemens verteld.
Eigenlijk zit er iets heel krampachtigs in de eerste weken van januari. Je weet eigenlijk van tevoren al dat goede voornemens prachtig klinken, maar supersnel door je vingers glippen. De meeste voornemens zijn al in rook opgegaan nog voordat je je kerstboom opgeruimd hebt.
Hoe kan het toch zijn dat die goede voornemens zo snel verloren gaan? Is het een gebrek aan discipline, motivatie of doorzettingsvermogen? Stel je onhaalbare doelen óf heb je het gewoon te druk om je aan je voornemens te houden?
Het is als stressfysioloog misschien wat flauw om te zeggen, maar het is eigenlijk heel simpel. Jouw goede voornemens mislukken doordat je last hebt van stressfysiologie. Als je lijf in ‘stressmodus’ staat, zelfs al is het maar een beetje, kiest je brein er liever voor om vast te houden aan oude gewoontes. Nieuwe voornemens lijken dan al snel onbelangrijk.
Een paar voorbeeldjes:
*Je neemt je voor om geen alcohol meer te nuttigen. De eerste vrijmibo gaat het je nog goed af, maar bij de tweede gelegenheid heb je net een drukke week achter de rug en zoek je ontspanning. Jij gelooft dat je met een wijntje sneller ontspant en dus sta je binnen een paar weken weer met een alcoholische versnapering in de hand
*Je neemt je voor om een paar kilo af te vallen. De eerste weken gaat het nog goed, de eerste kilo’s verdwijnen als sneeuw voor de zon en je blijft gemotiveerd. De etentjes blijven ook uit, want ja, iedereen zit nog vol van het kerstdiner. Totdat ze zich weer aandienen, jij je wat minder fit voelt en je ziet dat iedereen voor het toetje gaat. Je wilt geen uitzondering en/of een spelbreker zijn, want dat voelt niet fijn en voor je het weet is de dame blanche besteld
*Je neemt je voor om naar de sportschool te gaan. Eigenlijk verafschuw je die school, maar ja, je ziet overal fitte mensen en leest dat krachttraining belangrijk is. Ook jij doet wat de menigte doet en start vol goede moed in de sportschool. Na een paar weken van spierpijn en drukke weken met weinig ontspanning lonkt de bank en het dekentje, want ja, daar laad je van op. Je zet nog even door, maar als dan ook je vriendin ermee stopt, leg jij het bijltje er ook bij neer, want ja, de stok achter de deur die je echt nodig denkt te hebben is er niet meer.
Als je deze voorbeelden herkent, wat we stress noemen, kiest je brein vaker voor ‘kortetermijndenken’ en schakelt allerlei functies uit die je helpen bij het maken van plannen, het stellen van doelen, het omdenken en het maken van keuzes. Je blijft hierdoor vaak in dezelfde routine zitten, maar dat is ook de routine die steeds dezelfde gedachten en overtuigingen (=ook stress) in jouw lijf aanzet. Je komt daardoor terecht in een vicieuze cirkel en hebt helemaal geen ruimte om je bezig te houden met een positieve gedragsverandering of een goed voornemen.
Daar komt bij dat goede voornemens vaak een veel te grote gedragsverandering vragen. Je wilt vaak te snel, te veel en te rigoureus. Jezelf bijvoorbeeld voornemen om iedere dag te sporten terwijl je dat nu nooit doet, is voor je lijf niets meer dan één groot alarmsignaal. Als je je doelen te groot maakt, schiet je lijf direct in een overlevingsstand.
Wat is de stressfysiologie in de genoemde voorbeelden?
*Het zoeken van ontspanning betekent dat je spanning ervaart. De spanning is de stressfysiologie en de boosdoener
*Het gevoel van de uitzondering zijn en/of de spelbreker geeft een niet fijn gevoel. Bijvoorbeeld schaamte, druk, of onrust. Dát is de stressfysiologie en de boosdoener
*Je verafschuwt de sportschool. Dát is de stressfysiologie en de boosdoener. Je ziet overal fitte mensen kan betekenen dat je je onzeker voelt over je eigen lijf. Dát is de stressfysiologie en de boosdoener. Drukke weken met weinig ontspanning betekent dat je druk voelt en spanning. Dát is de stressfysiologie en de boosdoener. Je denk dat je een stok achter de deur nodig hebt, kan betekenen dat je een laag zelfbeeld of te weinig zelfvertrouwen ervaart. Dát is de stressfysiologie en de boosdoener
Wil je succesvol zijn in het doen slagen van je goede voornemens? Stel dan realistische en haalbare doelen zodat je lijf niet in de overlevingsstand schiet. Doe een beroep op je helpende overtuigingen, zonder dat je keihard moet gaan werken. Nog beter en liever als eerst, maar dat is als stressfysioloog misschien wat flauw om te zeggen, zorg dat je afrekent met je stressfysiologie. Dat kan echt!
Ben je op zoek naar meer informatie over stressfysiologie? Dan is mijn boek 'Dweilen met de kraan dicht' een fijne leestip!
©2025 Rheset | Algemene voorwaarden | Privacyverklaring | Herroepings-en retourinformatie


Rheset | Esther van Wageningen is eigenaar van de merken 'stressfysioloog' en de 'Stress Fysiologische Aanpak'.
Bedrijfsinformatie
Rheset | Esther van Wageningen
Het Spaarne 23
8253 PE, Dronten
esther@rheset.nl
06-29069566
KvK-nummer: 72908610
BTW-id: NL001595954B53
