De verborgen stress achter altijd maar doorgaan
Altijd maar doorgaan lijkt vaak een kwestie van discipline of karakter, maar in werkelijkheid is het regelmatig een stressfysiologische reactie van een zenuwstelsel dat geen rust meer toelaat. Wat van er van buiten uitziet als ambitie, kan van binnen een systeem zijn dat vooral probeert controle te houden via activiteit en presteren.
STRESS & FYSIOLOGIEBREIN & GEDRAG
Esther van Wageningen
6/7/20263 min read


Altijd maar doorgaan, terwijl je wel weet dat je óók moet rusten. Daar ga je met je goede gedrag! Mensen denken dat ze hun gedrag moeten fixen en gaan door en door en slaan door. Hun lijf staat al maanden in de overlevingsstand en daar helpt geen pleister tegen. Ik zie het steeds opnieuw gebeuren én schreef er mijn boek ‘Daar ga je met je goede gedrag’ over.
We leven in een maatschappij waarin gedrag vaak wordt beoordeeld alsof het losstaat van fysiologie. We doen alsof chaotisch gedrag, norsheid, 10 dingen tegelijk doen, vooral een kwestie is van mindset, discipline en motivatie. Wat als jouw gedrag in veel grotere mate wordt bepaald door de hoeveelheid spanning in jouw zenuwstelsel dan door goede karaktereigenschappen?
In mijn boeken en andere content schrijf ik vaak: “Eerst fysiologie, dan psychologie”. Dat is niet zomaar een mooie slogan, maar echt dé manier waarop we naar stress en gedrag moeten kijken.
Toch zie ik dat veel mensen hun stressreacties nog steeds verwarren met hun persoonlijkheid. ‘ Zo ben ik nu eenmaal.’ Ze denken dat ze perfectionistisch zijn. Dat ze gewoon ambitieus zijn. Dat ze ‘iemand zijn die altijd doorgaat’. Maar wat als dat doorgaan helemaal geen karaktereigenschap is, maar een lijf dat geen rust meer ervaart?
Dat zie ik vaak terug bij mensen die ontzettend goed functioneren aan de buitenkant. Ze behalen doelen, maken plannen, zetten door en lijken succesvol. Maar onder die drive zit vaak een gespannen zenuwstelsel.
Dat zag ik ook bij deze jongeman.
Er waren inmiddels enkele maanden verstreken, voordat hij een Rheset Traject startte. Maanden waarin we een aantal keer contact hadden en waarin hij tot vier keer toe zijn start uitstelde. Aan alles voelde ik dat dit geen gebrek aan motivatie was. Integendeel zelfs. Hij wilde zó graag vooruit. Maar er speelde iets anders.
Vanuit mijn perspectief en expertise zag ik vooral zijn onzekerheid. Niet de onzekerheid die zichtbaar aanwezig is, maar de stille variant die zich verstopt achter presteren en controle. De onzekerheid die zegt: “Wat als dit bij mij niet werkt?” Of misschien nog erger: “Wat als ik alles geef en alsnog vast blijf zitten?”
En dus deed hij wat veel mensen doen wanneer hun zenuwstelsel onder druk staat: nóg harder gaan werken.
Zijn agenda werd voller, zijn doelen uitgebreider en zijn schema strakker. Zijn doelgericht handelen en zijn plannen, twee executieve functies waar hij sterk op kon leunen, draaiden overuren. Hij probeerde grip te houden door steeds meer te organiseren en te optimaliseren.
Van buitenaf leek het misschien indrukwekkend. Maar ik zag vooral hoeveel energie het kostte om alles draaiende te houden.
Mensen denken vaak dat stress zich uit in stilvallen of opgeven, maar stressfysiologie ziet er lang niet altijd zo uit. Sommige mensen gaan juist versnellen. Ze raken verslaafd aan productiviteit, vullen elk gaatje in hun agenda en leggen de lat steeds hoger. Niet omdat ze zoveel energie hebben, maar omdat hun systeem geen rust meer verdraagt.
Rust betekent namelijk voelen. En voelen is voor een overbelast zenuwstelsel niet altijd veilig.
Gelukkig kwam er een moment waarop hij een piketpaal zette. Een tijdje terug besloot hij alsnog te starten met het ontladen van zijn stressfysiologie. En na een aantal sessies ontstond er iets bijzonders.
Zijn nieuwe doel werd niet groter, sneller of ambitieuzer.
Zijn nieuwe doel werd: ‘Een onsje minder is ook goed genoeg.’
Dat lijkt misschien klein, maar voor iemand die jarenlang heeft overleefd op controle, discipline en presteren is dat een enorme stap. Want pas toen zijn lijf spanning begon los te laten en niet eerder, ontstond er ruimte om anders naar zichzelf te kijken. Niet meer vanuit overleven, maar vanuit leven en het ervaren van veiligheid.
En precies dát is wat zoveel mensen missen wanneer ze proberen hun gedrag te veranderen.
Je kunt jezelf niet duurzaam afremmen, zolang je zenuwstelsel nog op het gaspedaal staat. Je kunt niet ontspannen zolang je het enkel rationeel begrijpt. En je kunt jezelf niet dwingen tot rust wanneer je lijf voortdurend het signaal afgeeft dat alert blijven noodzakelijk is.
Veel gedrag waar we onszelf op veroordelen, blijkt uiteindelijk een stressreactie te zijn. Altijd “aan” staan. Moeite hebben met niks doen. Continu bezig zijn. Het zijn vaak slimme overlevingsstrategieën van een zenuwstelsel dat veiligheid probeert te creëren via controle en activiteit.
Pas wanneer stressfysiologie wordt ontladen, ontstaat er ruimte voor echte verandering. Dan hoef je niet meer voortdurend tegen jezelf te vechten. Dan wordt rust ineens niet meer bedreigend, maar helpend. En dan ontdek je vaak vanzelf iets wat je eerder niet kón voelen:
Dat minder doen soms juist méér oplevert.
In mijn boek ‘Daar ga je met je goede gedrag’ leg ik uit dat executieve functies pas optimaal functioneren wanneer er voldoende fysiologische veiligheid is. Je rempedaal (reactie-inhibitie), je overzicht (planning), je flexibiliteit en je metacognitie, zijn geen losstaande ‘skills’. Ze zijn afhankelijk van de staat van je zenuwstelsel.
Eerst fysiologie. Dan psychologie.
©2026 Rheset | Algemene voorwaarden | Privacyverklaring | Herroepings-en retourinformatie


Rheset | Esther van Wageningen is eigenaar van de merken 'stressfysioloog' en de 'Stress Fysiologische Aanpak'.
Bedrijfsinformatie
Rheset | Esther van Wageningen
Het Spaarne 23
8253 PE, Dronten
esther@rheset.nl
06-29069566
KvK-nummer: 72908610
BTW-id: NL001595954B53
